Schakels
Toneelvereniging d’Ye brengt ijzersterke première “Schakels”

Nel Bakker, Gé van Oostveen, Ellie van Montfort, Léon Tol en Riny Janssen
Foto: Marco Bakker
D’Ye heeft vrijdagavond het publiek tot ongekend enthousiasme gebracht met de première van “Schakels” van Herman Heijermans. Voor deze uitvoering bij gelegenheid van het vijftienjarig bestaan was het Damhotel extra sfeervol aangekleed. Geheel in de stijl van rond de eeuwwisseling toen Heijermans zijn stuk schreef: kaarslicht, feestelijk uitgedoste mensen, het bedienend personeel gekleed anno 1900. Deze eerste voorstelling was uitsluitend voor genodigden die samen voor ‘een volle bak’ zorgden. Hoezeer het publiek genoot bleek uit de reacties: open doekjes bij de vier prachtige decors en een staande ovatie aan het eind van de avond. Dit stuk was merkbaar intensief gerepeteerd: alle rollen zaten er geheid in en er werd voortreffelijk gespeeld. D’Ye verstond het beurtelings te ontroeren, te laten lachen en tot grote, stille verontwaardiging te brengen. “Schakels”, hoewel al 85 jaar oud, bleek nauwelijks iets aan actualiteit te hebben ingeboet: alle ingrediënten waren aanwezig: genegenheid, jaloezie, achterdocht,hebzucht, hypocrisie en een diepe minachting van sommigen voor de gevoelens en de leefomstandigheden van anderen. Het verhaal draait om de smid Pancras Duif, die zich met keihard werken een goede positie in de maatschappij heeft veroverd, maar die zijn verleden als doodgewone volksjongen nooit heeft vergeten. Anders is het met zijn vier kinderen en hun aanhang, die, gewend aan grof geld verdienen, de meest elementaire normen uit het oog verliezen. Vooral als de oude Pancras de touwtjes uit handen geeft en tot een man wordt die alleen goed is als toekomstig erflater. Pancras, ondanks zijn opgewekte aard als weduwnaar een eenzaam man, zorgt dan voor een lont in het kruitvat door aan te kondigen zijn jonge huishoudster te willen trouwen. Lees verder

Fris en vlot spel in kindertoneel d’Ye

Wagenspel door d’Ye

Dat Betje uitstekend kan regeren liet toneelvereniging d’Ye zien in een nostalgisch spel uit de jaren dertig, waarin de emoties hoog oplaaiden, maar waarin gelukkig ook plaats was voor een gulle lach. D’Ye maakte er iets heel moois van. Het stuk van Henk Bakker (waarin Esther de Boer-Van Rijk indertijd al triomfen vierde) behandelt de geschiedenis van het rijke fabrikantengezin Van Gelder, dat in de problemen komt, maar uit de nood gered wordt door Betje, een oude gedienstige die bijna een halve eeuw lang voor de Van Gelders gewerkt heeft. Wanneer zij merkt dat haar vroegere baas bezig is de effecten te gelde te maken die zij ooit van zijn vader erfde neemt zij kordaat het heft in handen. Tot groot misnoegen van de familie, totdat men inziet dat Betje het beste voorheeft. Voufje bij ’t Vuur schitterde in de rol van Betje. Een rol die zij zo goed beheerste dat ze de zaal volkomen in haar ban had: ontroerd bij haar emotionele uitbarstingen om alles wat haar aangedaan wordt, dan weer hartelijk lachend als ze uiterst vinnig uit de hoek komt of met een gedegen bijbeltekst zwaait. Voufke verdient verder een groot compliment voor haar dictie en mimiek. Zich volledig in haar rol inlevend, lette zij juist op die kleinigheden die het spel zo levensecht maakten: even likken aan een potlood of krabben in haar grijze haardos tijdens het bijhouden van het kasboek. Een mooie rol was ook weggelegd voor Jan Besseling als de door zorgen gekwelde zakenman, die geen uitweg meer ziet en zich bijna vergrijpt aan andermans eigendommen. Hij liet prima ingehouden spel zien, nergens vervallend in overdreven sentimenten. Pé Mühren heeft met dit toneelstuk zijn meesterschap als regisseur voor de zoveelste keer bewezen. Hij verstaat de kunst zijn spelers en speelsters tot het uiterste te bezielen. Het ovationele applaus van een zeer meelevend publiek sprak boekdelen.